U bent hier : Homepagina » Duikschool » Artikels » Als je dan toch DIEP wilt gaan

Als je dan toch DIEP wilt gaan

Veiligheidsaspekten - deel 7

D 14 mei 2015     H 15:14     A Karel Vanlauwe    


Tijdens je vakantie heb je de mogelijkheid om een schitterende duik te maken. Het beoogde doel licht echter dieper dan 40 meter.

Je bent nog nooit zo diep geweest. Doen ?

A. Beslis voor jezelf of je er klaar voor bent.

1. Je ervaring

Hoeveel duiken heb je ? Zorg dat je eerst volledig op je gemak bent in ondiep water alvorens dieper te gaan

2. Je diepste duik

Hoe diep ben je al geweest ? Hoe dikwijls en hoe lang is het geleden ? Diepte kan je best in stukjes opbouwen. Eerst enkele malen naar –30m vooraleer je een duik op –40m waagt. Duiken langer dan een jaar geleden brengen niet veel meer bij voor je huidige ervaring. Hoe voelde je je de laatste diepe duik ? Als je jezelf steeds moet overtuigen om er te blijven heb je er niets aan. Was je niet 100% op je gemak op –30m, ga dan niet naar –40m.

3. Je uitrusting

Natuurlijk moet je materiaal tip-top in orde zijn. Splinternieuw is ook niet ideaal, je moet met je materiaal vertrouwd zijn zodat elke inspanning vermeden kan worden. Het is niet op –40m dat je moet nadenken over waar het overdrukventiel van je vest zit, of ontdekken dat je bril aandampt.

3. Je buddy’s ervaring

De minst voorbereide buddy zou eigenlijk de limiet van de duik moeten bepalen. Weersta de verleiding om je buddy’s comfort-zone te overschrijden (‘Rustig aan ! Het zal wel gaan’) of je eigen comfort-zone (‘Hij zal wel weten wat hij aan het doen is zeker !’). Als je niet zeker bent voor een duik, zijn trots en angst om onzekerheid toe te geven gevaarlijke eigenschappen.

4. De duikomstandigheden

Diep is relatief in veel opzichten. Een –35m duik in helder water is waarschijnlijk niet zo moeilijk als een –20m duik in koud troebel stromend water. Wat telt is het stress- niveau. Diepte is slechts één stress-factor ; anderen zijn koude, slecht zicht, stroming, hoeveelheid materiaal, angst, vermoeidheid, enz...

5. Oppervlaktebeveiliging

Is er iemand aan de oppervlakte om de veiligheid te garanderen ? Is er zuurstof aanwezig ? Een GSM ? Zal er een ankerlijn te volgen zijn of niet ? Is er een caisson in de buurt ? Is de duikleider, de schipper, de duikbasis te vertrouwen ?

6. Eigen motivatie

Wil je gewoon diep duiken of wil je je ervaring opbouwen ? Of doe je het gewoon omdat iedereen het doet ?

B. Bereid je voor

1. Balanceer je uit

Het gewicht dat je nodig hebt is dat gewicht dat je beneden houdt met een lege fles op –3m.

Alle extra gewicht zorgt er alleen maar voor dat je meer lucht verbruikt en dat je meer lucht in je reddingsvest moet steken. Deze extra lucht wordt samengeperst op diepte en zorgt voor een wisselend drijfvermogen afhankelijk van de diepte.

2.Vergelijk luchtverbruik

De duik moet gepland worden volgens de ‘grootste verbruiker’.

3. Vermijd materiaaldefecten

De ondiepe duiken kunnen gebruikt worden om je materiaal te checken en om te kijken of alles juist is aangepast.

C. De duikdag zelf

1. Wees uitgerust

Ga op tijd slapen de avond voor de diepe duik. Vermoeidheid is een verzwarende factor voor een deco en leidt bovendien tot onzorgvuldigheid.

2. Wees gehydrateerd

Drink voldoende. Uitdroging is eveneens een verzwarende factor en je wordt sneller moe. Beperk alcohol en caffeïne-gebruik reeds vanaf de avond ervoor omdat beiden uitdroging veroorzaken tot verschillende uren na het gebruik ervan.

Drink veel water, best een halve liter extra per dag.

3. Wees veilig

Ofwel duik in het veilig-gebied van je computer. Het is het beste om de diepe duik eerst te doen zodat je de hele nacht hebt om te ontzadigen. ‘De diepste duik eerst’, is niet langer een absolute duikregel omdat hedendaagse computers continu je stikstofniveau weergeven. Maar het is wel steeds een erg veilige regel.

Alle reserves die je gebruikt in je voorgaande duiken zorgen ervoor dat je sneller zal moeten stoppen met je diepe duik.

4. Plan je duik

Een diepe duik moet grondiger voorbereid worden. En denk eraan te plannen volgens de minst ervaren buddy. Naast het plannen van diepte/tijd-profiel moeten jij en je buddy je afvragen of er enige twijfel heerst deze duik te doen.

Zo ja, doe dan geen diepe duik. Een goede buddy-check is eveneens onontbeerlijk.

D. De Duik

1. Hou je drijfvermogen in het oog

Het drijfvermogen wisselt op grote dieptes meer omdat de lucht in je vest en de bellen in je neopreenpak samengedrukt worden. Dit kan de snelheid van afdalen dusdanig versnellen dat het moeilijk wordt om op de afgesproken diepte te stoppen. Hierdoor ga je kostbare lucht verspillen door je vest teveel op te blazen om ze daarna weer te moeten lossen in je zoektocht naar een neutraal drijfvermogen. Hetzelfde geldt voor je stijging ; hier moet je continu je drijfvermogen aanpassen om de snelheid onder controle te houden.

2. Controleer je ademhaling

Een trage diepe en rustige ademhaling is belangrijk omdat de lucht veel denser wordt. De weg die de lucht aflegt tussen de fles en de longen zit vol bochten en hindernissen waardoor ademen lastiger wordt als de lucht denser wordt.

Daarom is het belangrijk om de snelheid van de luchtstroom te beperken om turbulenties te vermijden. Snel ademen kan ook te veeleisend zijn, zelfs voor een goede ontspanner. Ondiepe ademteugen, die meestal ook snel op elkaar volgen leiden tot een opstapeling van CO2 in het lichaam. Dit omdat de dode ruimte groot is in verhouding tot het geventileerde deel. Deze hoge CO2-concentratie leidt dan weer tot een nog snellere ademhaling. Dit kan een vicieuze cirkel op gang brengen. Ondiepe, snelle ademhaling is een vroeg teken van angst.

En als het ademen moeilijker wordt kan angst omslaan in paniek.

3. Controleer je meters

Op diepte veranderen de waarden van je meters sneller. Ook heb je op diepte een kleinere foutmarge zodat de gevolgen ernstiger kunnen zijn.

Daarom moet je frequenter naar je meters kijken dan tijdens een ondiepe duik.

4. Controleer je buddy

Kijk regelmatiger naar je partner dan wat je gewoon bent. Let vooral op tekenen van angst zoals een snelle ademheling, ruwe bewegingen en grote ogen.

Wordt je OK-teken snel en kalm beantwoordt ? Kijk af en toe naar de meters van je buddy en verwacht van hem hetzelfde.

5. Volg je duikplan

Vooral de afgesproken diepte en tijd moeten gerespecteerd worden, evenals de hoeveelheid luchtvoorraad waarop de stijging aangevat dient te worden.

Een uitzondering : je mag nooit inhouden om je stijging vroeger te beginnen dan gepland, al is het omdat je je niet op je gemak voelt.

6. Stijg tijdig en traag

Het grootste gevaar van diep duiken is de stijging. Omdat je drijfvermogen meer verandert dan je gewoon bent is het gemakkelijk om de controle te verliezen en een versnelde stijging te doen al dan niet met traponderbreking. Omdat je luchtverbruik hoog is op diepte en als je niet dikwijls genoeg naar je meters kijkt, is het mogelijk dat je nog weinig lucht hebt waardoor je geneigd zult zijn om sneller te gaan stijgen. Om je stijging te controleren heb je best een referentie zoals een ankerlijn, je eigen bellen of zelfs zwevende stofdeeltjes. Begin tijdig lucht te lossen.

Het is beter om neutraal, zelfs lichtjes negatief uitgebalanceerd te zijn waardoor je met je palmen kan stijgen. Als je twijfels hebt over je luchtvoorraad is het toegestaan om op grotere diepte de stijgsnelheid van 10 meter/minuut te overschrijden. Ook al heb je minder dan 50 bar op trapdiepte maak dan toch nog een veiligheidstrap. Het is goed om weten dat elke duik dieper dan -15 meter een deco-duik is. Een trage stijging en een veiligheidstrap op –3m hebben hetzelfde doel als een geplande deco-trappen.

Je kan ze best niet achterwege laten.

E. Na de duik

1. Rust

Ook al heb je de 0-tijden niet overschreden, je komt toch boven met een grotere hoeveelheid stikstof in je lichaam waarbij een deco niet uit te sluiten is.
Je kan best inspanningen vermijden en veel water drinken. Als je goed gehydrateerd bent heb je een betere doorbloeding en je kan veel beter ontzadigen.

2. Niet vliegen

Het actuele DAN-advies is 12 uur wachten na 1 deco-duik en meer dan 12 uur na multipele duiken of meerdere duikdagen. Hoeveel meer dan « 12 uur » ? Best 24 uur en het helpt ook om de diepste duiken halfweg je verlof te doen als je uitgerust bent en nog enkele dagen kan ontzadigen.